Cookies & Privacy

We gebruiken cookies om uw ervaring te verbeteren en statistieken bij te houden. Meer informatie vindt u in onze privacyverklaring.

Bergen, kraterlandschappen en azuurblauwe kusten: ontdek het wilde Italië

Bergen, kraterlandschappen en azuurblauwe kusten: ontdek het wilde Italië

Weinig Europese landen veranderen landschappelijk zo vaak als Italië. In het uiterste noorden liggen gletsjers en scherpe bergtoppen, terwijl honderden kilometers verderop vulkanen boven een droog mediterraan landschap uitsteken. Daartussen vind je grote meren, glooiende wijngebieden, marmeren bergen, diepe kloven en een kustlijn die zich duizenden kilometers rond het schiereiland uitstrekt.

Dat Italië zoveel verschillende landschappen heeft, is geen toeval. Het land ligt op een geologisch actieve plek waar aardplaten elkaar beïnvloeden. Hierdoor ontstonden de Alpen en Apennijnen en zijn vulkanen zoals de Etna en Stromboli nog altijd actief. Rivieren, gletsjers en de Middellandse Zee hebben vervolgens ieder hun eigen sporen in het landschap achtergelaten.

De Dolomieten lijken uit enorme stenen torens te bestaan

In Noordoost-Italië liggen de Dolomieten, een berggebied dat zelfs binnen de Alpen een opvallend uiterlijk heeft. Lichte kalkstenen bergmassieven rijzen vrijwel loodrecht boven groene valleien en bergweiden uit.

Bekende formaties zoals de Tre Cime di Lavaredo bestaan uit enorme rotstorens die vanuit verschillende richtingen totaal van vorm lijken te veranderen. Ook rond Val Gardena, Cortina d'Ampezzo en Alta Badia bepalen steile rotswanden het uitzicht.

Bij zonsopkomst en zonsondergang kunnen de lichte bergwanden roze, oranje en rood kleuren. Dit verschijnsel wordt lokaal enrosadira genoemd en is een van de karakteristieke kenmerken van het Dolomietenlandschap.

Lago di Braies: turquoise water tussen de bergen

Tussen de Dolomieten liggen verschillende bergmeren. Lago di Braies is een van de bekendste voorbeelden. Het meer wordt vrijwel volledig omringd door beboste hellingen en hoge rotswanden.

Afhankelijk van het licht varieert de kleur van het water van groen tot turquoise. Op windstille dagen weerspiegelen de bergen in het oppervlak.

Hoewel het meer tegenwoordig veel bezoekers trekt, blijft de ligging bijzonder. Vanaf de oever zie je hoe abrupt de bergen vanuit het water en de bossen omhoogrijzen.

Het Gardameer ligt tussen Alpen en mediterrane vegetatie

Verder naar het zuiden ligt het Gardameer, het grootste meer van Italië. Vooral het noordelijke deel heeft een spectaculair landschap. Hoge bergen omsluiten hier een relatief smal wateroppervlak.

Richting het zuiden wordt het meer steeds breder en het landschap zachter. Door het milde klimaat groeien langs de oevers onder andere olijfbomen, cipressen en op sommige plaatsen palmen.

Het Gardameer vormt daarmee een natuurlijke overgang tussen het bergachtige Alpengebied en het warmere Noord-Italiaanse laagland.

De marmeren bergen van Carrara

Niet ver van de Toscaanse kust liggen de Apuaanse Alpen. Vanuit de verte lijken sommige bergtoppen met sneeuw bedekt, zelfs midden in de zomer.

In werkelijkheid komt de lichte kleur van enorme hoeveelheden marmer. Rond Carrara wordt dit gesteente al sinds de Romeinse tijd gewonnen.

De steengroeven hebben complete bergwanden veranderd. Rechte uitsnijdingen en witte terrassen zijn van kilometers afstand zichtbaar. Het resultaat is een landschap waarin geologie en menselijke activiteit nauwelijks van elkaar te scheiden zijn.

Val d'Orcia: het landschap dat Toscane beroemd maakte

Centraal in Toscane ligt Val d'Orcia. Hier ontbreken de extreme rotswanden en hoge bergen van Noord-Italië. In plaats daarvan bestaat het landschap uit zacht glooiende heuvels, graanvelden, wijngaarden en cipressen.

Boerderijen liggen verspreid op heuveltoppen en lange wegen slingeren door het landbouwgebied. De kleuren veranderen sterk met de seizoenen. In het voorjaar zijn de velden frisgroen, terwijl ze tijdens de zomer goudgeel en bruin worden.

Hoewel een groot deel van het landschap door eeuwenlange landbouw is gevormd, voelt Val d'Orcia opvallend harmonieus. Natuurlijke heuvelvormen en menselijke inrichting zijn hier volledig met elkaar verweven.

De Apennijnen vormen de ruggengraat van Italië

Van noord naar zuid loopt een lange bergketen vrijwel door het volledige Italiaanse schiereiland. De Apennijnen zijn minder bekend dan de Alpen, maar bepalen een groot deel van het binnenland.

Het landschap varieert van beboste heuvels tot kale bergtoppen. In Abruzzo liggen enkele van de hoogste delen, waaronder de Gran Sasso.

Hier bevinden zich brede hoogvlaktes die sterk contrasteren met het dichtbevolkte kustgebied. In nationale parken leven dieren zoals wolven, gemzen en de zeldzame Marsicaanse bruine beer.

Gran Sasso: een bijna leeg hoogland midden in Italië

Een van de opvallendste landschappen van de Apennijnen is Campo Imperatore. Dit enorme plateau ligt hoog in het Gran Sasso-massief.

De vrijwel boomloze vlakte wordt omringd door bergen en heeft een kaal, open karakter. Wegen lopen kilometers door graslanden zonder grote nederzettingen.

Door het weidse landschap is Campo Imperatore regelmatig gebruikt als filmlocatie. Het gebied voelt opvallend afgelegen, ondanks de relatief korte afstand tot Rome en de Adriatische kust.

De Vesuvius staat boven een miljoenenstad

Bij Napels wordt de relatie tussen natuur en menselijke bewoning bijzonder zichtbaar. De Vesuvius rijst direct achter het dichtbevolkte stedelijke gebied omhoog.

De vulkaan is beroemd vanwege de uitbarsting van het jaar 79, waarbij Pompeï en Herculaneum werden bedolven. Tegenwoordig is de krater bereikbaar via wandelpaden.

Vanaf de hogere delen kijk je over de Golf van Napels en de enorme stedelijke omgeving. Het uitzicht maakt duidelijk hoeveel mensen tegenwoordig in de directe omgeving van deze actieve vulkaan wonen.

De Amalfikust hangt tegen de rotsen

Ten zuiden van Napels ligt een kustlandschap waarin bergen vrijwel rechtstreeks in de Tyrreense Zee verdwijnen. De Amalfikust bestaat uit steile rotswanden, kleine baaien en dorpen die tegen de hellingen zijn gebouwd.

Wegen volgen via bochten en tunnels de vorm van de kust. Op terrassen worden citroenen, druiven en andere gewassen verbouwd.

Plaatsen zoals Positano lijken vanaf zee bijna verticaal tegen de bergwand omhoog te lopen. De beperkte hoeveelheid vlak land heeft hier eeuwenlang bepaald hoe mensen bouwden en landbouw bedreven.

De Etna verandert voortdurend van vorm

Op Sicilië ligt de hoogste actieve vulkaan van Europa. De Etna bereikt een hoogte van meer dan drieduizend meter en domineert een groot deel van Oost-Sicilië.

Het landschap rond de vulkaan bestaat uit oude en jonge lavastromen, kraters en zwarte vulkanische bodem. Lager op de hellingen groeien bossen, wijngaarden en boomgaarden dankzij de vruchtbare grond.

Uitbarstingen zorgen regelmatig voor nieuwe lavavelden. Hierdoor is de Etna geen landschap dat alleen in een ver verleden werd gevormd. De berg verandert nog altijd.

Stromboli: een vulkaan die uit zee oprijst

Ten noorden van Sicilië liggen de Eolische Eilanden. Deze eilandengroep is van vulkanische oorsprong en bevat een van de bekendste actieve vulkanen van Europa: Stromboli.

Vrijwel het volledige eiland bestaat uit de vulkaan. De hellingen lopen vanaf de top door tot diep onder het oppervlak van de Tyrreense Zee.

Stromboli vertoont regelmatig kleine explosieve uitbarstingen. Vooral in het donker kunnen gloeiende stukken vulkanisch materiaal boven de krater zichtbaar zijn.

Sardinië heeft een kust van graniet en turquoise water

Aan de andere kant van Italië ligt Sardinië. Het eiland heeft geologisch een andere geschiedenis dan een groot deel van het Italiaanse vasteland.

Langs delen van de kust liggen enorme granieten rotsformaties die door wind en water zijn afgerond. Kleine baaien worden omringd door licht gesteente en helder water.

Het binnenland is veel ruiger en bergachtiger dan de bekende kustgebieden doen vermoeden. Hier liggen plateaus, diepe kloven en uitgestrekte gebieden met lage mediterrane vegetatie.

De kloof van Gorropu snijdt diep door Sardinië

In het oosten van Sardinië ligt Gola di Gorropu, een van de diepste kloven van Europa. Hoge kalkstenen rotswanden staan op sommige plekken slechts enkele meters uit elkaar.

Een rivier heeft zich gedurende lange tijd door het gesteente gesneden en enorme rotsblokken op de bodem achtergelaten.

Het gebied vormt een sterk contrast met het beeld van Sardinië als uitsluitend een bestemming voor stranden en helderblauw water.

Italië ligt op een geologisch kruispunt

De landschappen van Italië zijn nauw verbonden met de beweging van de Afrikaanse en Euraziatische aardplaten. De krachten tussen deze platen hebben bergen omhooggeduwd en zorgen nog altijd voor aardbevingen en vulkanische activiteit.

Daardoor liggen in één land jonge bergketens, actieve vulkanen en gebieden die al miljoenen jaren door erosie worden gevormd.

Ook de ligging tussen verschillende zeeën heeft grote invloed. De Adriatische, Ionische, Tyrreense en Ligurische Zee hebben ieder kustlandschappen met een eigen karakter gevormd.

Van gletsjerlandschap naar vulkaan binnen één reis

Wie Italië van noord naar zuid doorkruist, ziet het landschap bijna voortdurend veranderen. De rotswanden en bergmeren van de Dolomieten maken plaats voor de Povlakte en daarna voor de glooiende heuvels van Toscane.

Verder naar het zuiden volgen de Apennijnen, mediterrane kusten en uiteindelijk de vulkanische landschappen van Campanië en Sicilië.

Dat maakt Italië bijzonder geschikt voor reizigers die natuur willen combineren met steden, cultuur en gastronomie. Je hoeft de beroemde kunststeden niet over te slaan om indrukwekkende natuur te zien. Vaak begint een compleet ander landschap al enkele tientallen kilometers buiten de stad.

Italië is daardoor niet alleen het land van Rome, Florence, Venetië en mediterrane stranden. Het is ook een land van gletsjers, rotsmassieven, vulkanen, hoogvlaktes en kloven. Juist die enorme variatie maakt het Italiaanse landschap minstens zo interessant als de steden die ertussen zijn ontstaan.